In gesprek met gooddayer Kelly

In gesprek met 19 januari 2026

Soms begint zorg gewoon met binnenlopen. Even kennismaken, samen koffie drinken, kijken wat nodig is. Kelly vertelt over haar werk bij een echtpaar, waar ondersteuning aan huis langzaam uitgroeide tot een bijzondere band. Een band waarin vertrouwen ontstond en waarin zorg iets werd wat je samen deed: voor mevrouw, én voor haar partner als mantelzorger.

Deel deze pagina:

''In november 2024 startte ik bij een stel in Noord-Brabant. Het voelde meteen goed; de klik was er direct. Mevrouw had Parkinson en meneer deed het grootste deel van de zorg zelf, maar raakte steeds meer uitgeput. Ik begon twee dagen per week, drie uur per dag, en al snel was ik zoals zij het zelf noemden 'kind aan huis'. Zowel mevrouw als ik keken elke keer weer uit naar de uren samen. Mevrouw kon dan even leuke dingen doen en was wat vrijer, in plaats van de hele dag in haar stoel te zitten. We gingen samen shoppen, boodschappen doen, koken, een spelletje spelen of gewoon een blokje om. We deelden veel met elkaar, waren oprecht geïnteresseerd in elkaars leven en de tijd vloog altijd voorbij. De band die ik met haar had, is moeilijk met woorden te beschrijven. Toen mevrouw steeds verder achteruitging, zag ik dat het voor meneer zwaarder werd. Samen keken we hoe we hen verder konden helpen. In het begin wilden meneer en mevrouw eigenlijk niemand anders dan mij, maar uiteindelijk ben ik samen met een collega ook ’s avonds gekomen om mevrouw in bed te leggen. De rust keerde terug. Meneer hoefde niet meer alles alleen te doen en kon weer even gewoon partner zijn. Op dat moment dacht ik: hier doen we het voor. Op een dag vroeg mevrouw of ik met haar aan een boek wilde werken, genaamd 'Mam, vertel eens'. We verzamelden foto’s, schreven teksten en namen filmpjes op omdat ze het graag persoonlijk wilde maken voor haar kinderen, met beeld en geluid. Ze vertelde prachtige, persoonlijke verhalen. We hebben veel gelachen, maar ook samen gehuild. Mevrouw was een heerlijke flapuit en keek me dan ondeugend aan als ik vroeg: “Zei u dat nou echt?” Dan zei ze lachend: “Ja meis, een beetje kattenkwaad mag toch?” Na een val en een periode in het ziekenhuis kwam mevrouw uiteindelijk in een verzorgingshuis terecht en werd de samenwerking met GoodDays beëindigd. Niet lang daarna kreeg ik een spraakbericht van haar: “Kelly, wanneer kom je langs? Ik mis je.” We spraken af en ik ging om de week bij haar op visite. Dat deed ons allemaal goed. Even koffie drinken, herinneringen ophalen en praten over wat er in de tussentijd was gebeurd. 

Mevrouw is inmiddels overleden. Op haar begrafenis bracht meneer een eerbetoon aan GoodDays, mijn collega en mij. Hij sprak uit hoe dankbaar hij en zijn vrouw waren voor alles wat we samen hebben mogen betekenen. Op zulke momenten voel ik alleen maar dankbaarheid voor dit werk. De liefde en waardering die je terugkrijgt, bevestigen steeds weer: hier doen we het voor.''

De rust keerde terug. Meneer hoefde niet meer alles alleen te doen en kon weer even gewoon partner zijn. Op dat moment dacht ik: hier doen we het voor.

Deel deze pagina:

Whatsapp Linkedin